informatie Noordsvaarder
De Noordsvaarder is een Staatsnatuurmonument sinds 1924 en wordt beheerd door Staatsbosbeheer. Het is een groot gebied met aan de zuidkant een enorme zandbank die uniek is voor Nederland. De Kroonpolders en het Griltjeplak maken onderdeel uit van dit natuurgebied.
De Noordsvaarder ligt aan de westkant van Terschelling en is bereikbaar vanuit West Terschelling of vanaf het Noordzeestrand. Ook zijn er een aantal paden die vanaf het Groene Strand bereikbaar zijn. De paden kunnen nat en modderig zijn. Neem een kaart mee want er zijn zijwegen die verwarrend zijn. De Brandaris kan gebruikt worden als oriëntatiepunt. De tocht is nauwelijks in te korten en bedraagt minimaal 10 km. Er zijn geen voorzieningen in het gebied.

geschiedenis Noordsvaarder
De grote zandbank vond in 1866 aansluiting met het eiland en beslaat het gebied van West Terschelling tot paal 8. Er ontstond nauwelijks duingroei en in de jaren twintig van de vorige eeuw zijn er door Rijkswaterstaat stuifdijken aangelegd waardoor een aantal grote stukken strand afgesloten werden van de zee. Het proces van zout naar zoet kon beginnen en zorgde voor een steeds meer uitgebreide flora en fauna, welke is aangepast aan de specifieke omstandigheden van iedere biotoop. Er zijn natte en droge valleien, stuifdijken en kwelders. In 1953 breken flinke delen van de stuifdijken af en verdwijnen, ze worden niet hersteld. Dit is het gebied dat tot 1996 in gebruik was als militair oefenterrein. De slufter vindt alleen aansluiting met de zee bij zeer hoge vloed.

verschillende gebieden

Kroonpolders
Het duingebied de Kroonpolders ligt ongeveer tussen paal 3 en paal 8. Ze zijn vernoemd naar de heer J.W. Kroon, ingenieur bij Rijkswaterstaat, die het plan van de aanleg van stuifdijken ter bevordering van de aansluiting van de zandbank maakte. In de jaren 1920 tot 1929 werden deze stuifdijken aangelegd waardoor een vijftal lage valleien ontstonden. Op grond met enige kalk zijn hier onder andere orchideën te vinden. De duinvalleien die meer landinwaarts liggen zijn begroeid met cranberryplanten. De cranberry komt van oorsprong niet voor op Terschelling maar in 1840 spoelde er een vat met bessen aan die, zo gaat het verhaal, door een Terschellinger werden gevonden die verwachtte dat het een vat met drank was. Teleurgesteld schopte hij het vat het land op waar de bessen de kalkloze, zure en vochtige grond vonden en wortel schoten.

Griltjeplak
Een natte duivallei, ten noorden van de bossen van West Terschelling. Griltje is de Terschellinger naam voor strandplevier, het vogeltje wat hier voorheen leefde en broedde. De kale zandvlakte maakte echter plaats voor begroeiing en het beestje verdween. Toen Staatsbosbeheer begon met de aanplant van bos onstond er door afwatering gevaar voor de specifieke waarde van het Griltjeplak. Er werd een dam aangelegd om verdere ontwatering te voorkomen. Door de aanleg van de Kroonpolders steeg echter het grondwaterpeil en de vegetatie kwam onder water te staan en stierf af. Door de verzuring kreeg de vegetatie een eenvormiger karakter. Het is een nattig, moerasachtig terrein met rietmoeras en een beginnend wilgenbos. Het Griltjeplak is niet toegankelijk maar goed te overzien vanaf het hoge punt bij het duinmeer. Het gebied is erg aantrekkelijk voor de wilde eend en de wintertaling terwijl in de rietvelden rietgorsen en rietzangertjes hun thuis vinden.

Donkere Bossen
Alle bossen op Terschelling zijn aangeplant. De Donkere Bossen bevinden zich bij West Terschelling, Formerum en Hoorn. De aanleg hiervan viel niet mee, de aangeplante bomen gingen snel dood vanwege de arme grond en de zoute wind. Er werd echter iets op bedacht. De wortels van een boom werden in een stuk natte turf gedrukt en dan geplant. Er zijn nog rechthoekige poelen te vinden waarin de turf ‘gedrenkt’ werd. De boom had zodoende voedingsstoffen om te wortelen. Het Donkere Bos ligt ten noorden van West Terschelling. Er staan veel dennenbomen en het heuvelt aardig. De grond ligt bezaaid met dennennaalden en het dichte karakter van deze bomen maken het terecht een donker bos.

Griene Pôllen
Ten noordoosten van Doodemanskisten ligt het weiland dat Griene Pôllen wordt genoemd. Het gebied van de Griene Pôllen was vroeger een loopduingebied. Door aantasting van de vegetatie nam de wind het zand mee verderop zodat de duinen zich verplaatsten. Op de loopduinvlakte, die ontstond achter het duin, hoopten zich kleine zandbulten op (pôllen) die later, toen ze begroeiden groen (grien) werden. Vroeger werden deze duinen volop gebruikt door de bevolking voor brandstof, de jacht en voedsel voor het vee. Sinds 1907 wordt door Staatsbosbeheer een ander beheer toegepast. Een deel van het duingebied wordt beplant met dennenbomen. Een aantal loopduinvlaktes, waaronde de Griene Pôllen wordt omgevormd tot duinweiland waarop het vee kan grazen.

Doodemanskisten
Het duinmeertje Doodemanskisten, met twee eilandjes, ligt tegen West Terschelling aan. Zomers zijn de bankjes om het meertje altijd bezet en in de winter wordt hier druk geschaatst als er ijs ligt. Het is een romantische omgeving waar veelvuldig eenden en andere watervogels hun aanwezigheid kenbaar maken. De vegetatie is niet meer zo gevarieerd als vroeger. Door de recreatie en uitwerpselen van watervogels werd de bodem rijker aan voedingsstoffen en verdwenen er veel planten. De naam Doodemanskisten leidt nog steeds tot discussie. Het zou de begraafplaats zijn van schipbreukelingen of de laatste gang van de arme man, d’earemeskisten (earm = arm). Er wordt ook beweerd dat het vroeger een inham was, een haven. Schepen met goederen werden vroeger in quarantaine gehouden in verband met mogelijke besmettelijke ziekten die de bemanningsleden meenamen. Doden konden in verband met het besmettingsgevaar niet op de reguliere begraafplaats begraven worden en werden op de plaats van het huidige duinmeertje ter aarde besteld. Hoe dan ook , het spreekt tot de verbeelding.

bron o.a. Reisgids voor Terschelling, Bauke Boomstra & Piet Lautenbach.

Noordsvaarder

de wandeling
achtergrondinformatie
foto's
routekaartje


Karakteristieken
Strandvlakte, stuifdijken, kwelders, duinmeren.

Bijzonderheden
Staatsnatuurmonument (1924).

Grootte
650 ha.

Ligging
Westelijk deel Terschelling

Toegankelijkheid
Vrij toegankelijk op paden, geen voorzieningen

links

staatsbosbeheer
vvvterschelling

Uitgelezen?

neem een proef-abonnement op een blad>